Hervorming van het personeelsbeheer bij de spoorwegen

06/03/2026 – Brussel – Hervorming van het personeelsbeheer bij de spoorwegen: minister Crucke heeft kennis genomen van het advies van de Raad van State en twee teksten voorgelegd aan de ministerraad, die ze vandaag heeft goedgekeurd.

1. Contractualisering: een bevestigde keuze

Wat betreft het einde van de statutarisering voor nieuwe aanwervingen vanaf 1 juni 2026, heeft de Raad van State geen enkel principieel bezwaar geformuleerd. Hij bevestigt ook dat de hervorming volledig in overeenstemming is met de verworven rechten van het huidige personeel: het statuut van geen enkele statutaire medewerker zal op losse schroeven gezet worden.

Deze ontwikkeling, die in het regeerakkoord is vastgelegd, heeft tot doel het personeelsbeleid van spoorwegondernemingen te moderniseren, zodat zij beter voorbereid zijn op toekomstige uitdagingen en een steeds competitiever wordende omgeving.

2. Sociaal overleg: aanpassing van het escalatiemechanisme

In zijn advies van 18 februari 2026 stelt de Raad van State het doel van het escalatiemechanisme dat is voorzien in geval van een impasse in het sociaal overleg niet ter discussie, maar roept hij op tot een betere begeleiding van de werking ervan.

De regering heeft het systeem daarom aangepast.
Het mechanisme blijft van kracht voor beslissingen met betrekking tot het statuut en de regelgeving van het personeel, maar is voortaan afgestemd op de principes die gelden voor andere autonome overheidsbedrijven, om tegemoet te komen aan de kritiek van de Raad van State.

Vandaag heeft de ministerraad een eerste tekst goedgekeurd over contractualisering en over dit escalatiemechanisme dat van toepassing is op het statuut en de reglementering van het personeel. Deze tekst kan nu het wetgevingsproces doorlopen met het oog op indiening bij de Kamer van Volksvertegenwoordigers.

Wat betreft de collectieve arbeidsovereenkomsten die van toepassing zijn op contractueel personeel, was de Raad van State van mening dat het oorspronkelijke mechanisme onvoldoende juridisch kader bood. De Regering heeft daarom besloten deze kwestie in een tweede, afzonderlijke tekst te behandelen. Deze tekst voorziet met name in de mogelijkheid om de huidige collectieve arbeidsovereenkomst op te zeggen volgens een regeling die is geïnspireerd op de privésector, met het oog op het sluiten van een nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst die een antwoord biedt op de toekomstige uitdagingen van de spoorwegen. Deze tekst wordt vandaag ter advies voorgelegd aan de Raad van State.

Deze aanpak in twee teksten maakt het mogelijk om de hervorming juridisch veilig te stellen en tegelijkertijd het wetgevingsschema te respecteren, met name voor de bepalingen die vóór 1 juni 2026 in werking moeten treden met betrekking tot de verhoging van de werkgeversbijdragen voor statutaire werknemers.

3. Sociale dialoog en verantwoordelijkheid

De minister herinnert eraan dat hij bijna tien maanden lang onderhandelingen heeft gevoerd met de vakbonden, die hebben geleid tot twee akkoorden die niet door de achterban zijn geratificeerd.

De dialoog blijft open. Maar om NMBS voor te bereiden op het jaar 2032, een efficiënte openbare dienstverlening te garanderen en de duurzaamheid van het systeem te verzekeren, moeten ook beslissingen worden genomen.

Over de nieuwe stakingsaanzegging zegt minister Jean-Luc Crucke: “Ik betreur deze nieuwe stakingsaanzegging, terwijl de Raad van State bevestigt dat er geen principiële bezwaren zijn tegen de contractualisering van de nieuwe aanwervingen en dat de verworven rechten van de huidige werknemers volledig worden gerespecteerd. De dialoog blijft open, maar het is ook mijn verantwoordelijkheid om NMBS voor te bereiden op 2032 en een solide en duurzame openbare dienstverlening te garanderen.”